Nu het WK is begonnen, herinnert PES 5 me eraan hoe verslavend, frustrerend en heerlijk voetbalgames ooit konden zijn.
Heb je nog geen account?
Nu het WK is begonnen, herinnert PES 5 me eraan hoe verslavend, frustrerend en heerlijk voetbalgames ooit konden zijn.
Het WK is weer begonnen en dat betekent dat de voetbalkoorts langzaam weer overal opduikt. Op televisie, in cafés, in groepschats en, als je een beetje zoals ik bent, ook op je console. Er is iets aan zo’n groot toernooi dat meteen zin geeft om zelf weer een voetbalgame op te starten. Niet per se omdat je denkt dat je na drie potjes FC Barcelona kan coachen, maar gewoon omdat voetbal op dat moment weer even overal is.
Alleen botst die zin bij mij tegenwoordig vaak op dezelfde muur: moderne voetbalgames doen me niet zo veel meer. Ze zien er beter uit dan ooit, ze hebben officiële licenties, herkenbare stadions en spelers die tot in detail zijn nagemaakt. Toch voelt het allemaal vaak vlak. De wedstrijden lopen in elkaar over, de carrièremodi missen karakter en de magie die ik vroeger voelde bij een simpele avond Master League is grotendeels verdwenen.
Dus deed ik wat elke rationele volwassene met een lichte nostalgie zou doen: ik begon opnieuw aan Pro Evolution Soccer 5 (PES 5). Ik heb nog een PlayStation 2 staan, maar voor het gemak speel ik hem via een emulator, uiteraard volledig legaal. En eerlijk? Ik was bijna vergeten hoe goed deze game nog altijd is.

Pro Evolution Soccer 5 voelt vandaag trager, stroever en minder gepolijst dan de voetbalgames die we nu gewend zijn. Dat klinkt negatief, maar dat is het eigenlijk niet. De game geeft je niet zomaar wat je wil. Een pass komt niet automatisch perfect aan, een schot vliegt niet vanzelf in de kruising en een verdediger wegdraaien voelt niet als iets dat je met één trucje eindeloos kan herhalen. Je moet werken voor elke meter.
Dat maakt de wedstrijden veel spannender dan ik had verwacht. Zelfs een simpele competitiewedstrijd tegen een middelmatige tegenstander kan uitlopen op een gevecht. Je voelt wanneer je goed speelt, maar je voelt ook wanneer je eigenlijk gewoon dom balverlies lijdt. De game is niet oneerlijk moeilijk, maar wel streng (en heel soms wel oneerlijk moeilijk). Als je haastig speelt, word je afgestraft. Als je geduldig blijft, krijg je langzaam ruimte. Bij de aftrap naar het doel van de tegenstander sprinten, lukt wellicht ooit wel een keertje. Meestal geef je de bal echter erg snel weer weg.
Die balans mis ik vaak in moderne voetbalgames. Daar heb ik sneller het gevoel dat ik in een bepaald ritme terechtkom waarin veel wedstrijden op elkaar lijken. In PES 5 is een 1-0 overwinning na een lelijke wedstrijd soms oprecht bevredigender dan een 5-3 spektakelstuk in een recente FIFA of EA Sports FC. Het is al lang geleden dat ik oprecht juich, omdat ik gescoord heb.



De grootste reden dat ik opnieuw ben blijven hangen, is natuurlijk Master League. Ik begon met PSV, maar niet met de echte selectie. Zoals het hoort, startte ik met de standaardspelers van Pro Evolution Soccer 5: voetballers die nooit echt bestaan hebben, maar fans van de serie herkennen namen zoals Ivarov, Ruskin (die onverwacht belachelijk snel wordt) en natuurlijk Castolo. Het zijn voetballers die net goed genoeg zijn om je hoop te geven en net slecht genoeg om je regelmatig tot wanhoop te drijven. Persoonlijk heb ik een hekel aan de Italiaanse nepspeler Dodo die vaker de bal in eigen doel loopt dan dat hij een fatsoenlijke pass geeft.
Na drie seizoenen heb ik vier nieuwe spelers kunnen kopen. Vier. In een moderne carrièremodus klinkt dat bijna belachelijk traag, maar in Pro Evolution Soccer 5 voelt het logisch. Elke transfer telt, en als je niet veel wint, kan je ook niet veel kopen. Je koopt niet zomaar een speler omdat je budget toch te groot is of omdat de game je richting een nieuw doel duwt. Je haalt iemand binnen omdat je ploeg hem echt nodig heeft.

Daardoor voelt vooruitgang veel tastbaarder. Een betere middenvelder verandert de manier waarop je opbouwt. Een aanvaller die iets sneller is, geeft je plots een extra optie. Een verdediger die iets minder paniekerig ingrijpt, kan het verschil maken tussen een punt en opnieuw een frustrerende nederlaag. Het zijn kleine stappen, maar net daardoor blijven ze hangen. Mijn eerste aankoop was Tavano, een centrumspits die mijn gebrek aan een aanval moest verbeteren. Daarna kocht ik de PSV publieksfavoriet Gomes. Hij speelde in het echte leven van 2004 tot 2008 voor PSV en door Gomes belandde PSV in de halve finales van de Champions League. Ik heb de hoop dat ik op het digitale voetbalveld de finales kan bereiken. Vervolgens heb ik nog een aanvallende middenvelder en een goede centrale verdediger gehaald en mijn spel ziet er al een stuk beter uit.
Mijn doel is voorlopig simpel: kampioen worden in de hoogste competitie en daarna de Champions League winnen. Alleen weet ik nu al dat dat nog lang gaat duren. En dat is precies waarom ik blijf spelen. PES 5 probeert dat doel niet dichterbij te brengen met shortcuts of beloningen. Je moet er gewoon beter voor worden.

Het opvallende is dat PES 5 niet goed blijft omdat het perfect oud is geworden. Dat is niet zo. De presentatie is simpel, de animaties zijn duidelijk van een andere generatie en de licenties waren toen al beperkt. Je moet er dus wel een beetje doorheen kijken. Maar zodra de bal rolt, valt op hoeveel karakter de game nog heeft.
Dat contrast voelt nu extra groot. EA Sports FC is nog steeds enorm populair, maar bij veel spelers is het enthousiasme minder vanzelfsprekend geworden. Konami heeft met eFootball nooit echt kunnen voortbouwen op wat PES ooit zo geliefd maakte. En FIFA zelf werkt nu zelfs samen met Netflix aan een officiële WK-game. Dat kan best een leuke, laagdrempelige ervaring worden, maar het zegt ook veel over waar voetbalgames tegenwoordig zitten. De naam FIFA is er nog, de glans van vroeger veel minder.
Misschien is dat ook waarom PES 5 nu zo goed werkt. Niet alleen als nostalgietrip, maar als herinnering aan een ander soort voetbalgame. Eentje waarin een seizoen niet draaide om content, updates of tijdelijke evenementen, maar om de langzame groei van je eigen ploeg. Eentje waarin verliezen niet voelde als tijdverlies, maar als onderdeel van het verhaal. Eentje waarin je na een moeizame overwinning meteen nog een wedstrijd wilde spelen, niet omdat er een beloning klaarstond, maar omdat je voelde dat je team nét iets beter werd.
Nu het WK begint, is dit eigenlijk het perfecte moment om terug te keren naar zo’n voetbalgame. Niet omdat vroeger alles beter was, en ook niet omdat moderne games niets goed doen. Maar omdat PES 5 nog altijd iets raakt dat veel voetbalgames zijn kwijtgeraakt: het gevoel dat elke wedstrijd ertoe doet.
Mijn PSV is nog lang niet klaar voor de grote prijzen. De selectie is matig, mijn bank is dun en de Champions League winnen blijft voorlopig vooral een verre droom. Maar na drie seizoenen, vier transfers en een hoop lelijke overwinningen voelt dat doel wel als iets dat ooit haalbaar kan zijn.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang elke week het beste van 4Gamers in je mailbox!